Economisch integreren

Volgens VVD-fractievoorzitter in Den Haag Peter Smit moeten migranten hun geld meer in hun eigen omgeving steken. Hij wijst terecht op de onderbelichte economische kant van het migratiedebat.

door René van Rijckevorsel

Voor goede ideeën over integratie moet je tegenwoordig in de Zuid-Hollandse grote steden zijn. In Rotterdam en Den Haag is het gewauwel over de multiculturele zegeningen verleden tijd. Politici denken er nu gewoon constructief na over manieren om immigranten meer bij de samenleving te betrekken. In Rotterdam komt het frisse geluid van het college van VVD, CDA en Leefbaar Rotterdam. Burgemeester Ivo Opstelten (VVD) lijkt met dit college helemaal opgebloeid. Eind november presenteert de stad een Deltaplan Inburgering dat neerkomt op een tweede wederopbouw van de stad – een sociale wel te verstaan.

In Den Haag betoont VVD-fractievoorzitter Peter Smit zich een originele geest. In februari pleitte hij voor ‘Dolle Mina 2’, een emancipatie-offensief dat de beperkte bewegingsvrijheid van moslimvrouwen moet vergroten. Dat was lang voordat Ayaan Hirsi Ali landelijke bekendheid kreeg. Nu wil ex-wethouder Smit migranten ertoe bewegen dat ze hun geld meer in hun eigen woonomgeving investeren, in plaats van in hun land van herkomst. Zijn motto: ‘Je integreert waar je investeert.’

Smit wijst er terecht op dat het migratiedebat te veel overhelt naar de culturele kant, terwijl de economische kant onderbelicht blijft. Hij wil enerzijds allochtonen zover krijgen dat ze een huis in Nederland kopen, in plaats van in Turkije of Marokko, en er anderzijds voor zorgen dat banken en woningcoöperaties meer oog krijgen voor de migrantenmarkt. Van dwang om in Nederland te investeren, kan uiteraard geen sprake zijn. Hoe het voorstel moet worden uitgevoerd, is nog niet duidelijk. Eind deze maand worden de definitieve plannen gepresenteerd. Maar wat nu al te prijzen valt, is dat Smit een nieuwe invalshoek heeft toegevoegd aan het integratiedebat: de economische.

 

Bron: Elsevier (23-10-2002)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *