Weg met kraakpand Hellingweg

De Haagse VVD-fractie wil dat de gemeente het kraakpand aan de Hellingweg beschikbaar maakt voor nieuwbouw. De liberalen hebben het college van B&W gevraagd om de bruikleenovereenkomst met de krakers op te zeggen, zodat dit stukje van de Scheveningse Haven kan worden opgeknapt.

“De gemeente wil dat dit deel van de haven meer gebruikt wordt voor recreatie. Dat gaat niet samen met de verloederde uitstraling van de broedplaats. Overal ligt rotzooi, er is veel graffiti en er staan verkrotte caravans op het terrein. Daar wil je niet naast op een terrasje zitten, laat staan ernaast wonen. Dan is het ook niet gek dat de recreatiewoningen om de hoek niet goed verkopen,” aldus VVD-raadslid Martin Wörsdörfer.

Het pand aan de Hellingweg 127, eigendom van de gemeente, werd jaren geleden gekraakt. De gemeente besloot het gebouw in bruikleen te geven aan de krakers als zogenoemde broedplaats. De VVD vindt dat deze locatie gezien de ontwikkeling van de rest van het gebied toe is aan normale invulling.

Wörsdörfer: “Ik weet zeker dat de wethouder net als ik een succes wil maken van de ontwikkeling van dit stukje Haven. Het kan bijvoorbeeld als zeilcentrum een heuse trekpleister in Scheveningen worden. Ik reken erop dat de wethouder dat niet laat dwarsbomen door dat lelijke kraakpand.”

Verder willen de liberalen weten of de regels voor het gebruik van de appartementen in het logiesgebouw versimpeld kunnen worden. Eigenaren moeten nu aantonen dat ze minstens 140 dagen per jaar niet aanwezig zijn in de woningen, volgens Wörsdörfer een administratieve draak.

~~~~~~~~~~ 

Vragen

Aan de voorzitter van de gemeenteraad,
Den Haag, 23 maart 2011
 
Aan de Hellingweg op Scheveningen zijn niet alleen een fraai Nautisch Centrum maar ook een fraai logiesgebouw ontwikkeld. Die appartementen zijn bedoeld voor short-stay en extended-stay.

Eind maart 2008 is de bouwvergunning verleend voor dit logiesgebouw met een parkeergarage, ook bevattende horeca, bedrijfsruimten, kantoorruimte en (maritieme) detailhandel. Deze vergunning is verleend met toepassing van artikel 19, lid 1 WRO, omdat ze niet binnen het vigerende bestemmingsplan paste. In de ruimtelijke onderbouwing van de vergunningsaanvraag wordt vrijstelling gevraagd van de bestemming met de volgende redenering:

Het vergroten van de capaciteit van de recreatieve verblijfsmogelijkheden aan de kust is in specifieke segmenten wenselijk. In het hotelbeleid is de kust één van de concentratiegebieden. In het segment vakantie-appartementen (self-catering accommodaties) heeft Den Haag erg weinig capaciteit. Uitbreiding van dit type accommodaties is gewenst aan de kust (Scheveningen). Gezien beperkte ruimtelijke ontwikkelingsmogelijkheden ligt een gestapelde vorm van logiesverblijven voor de hand.

In de praktijk blijken momenteel veel van de appartementen leeg te staan en de parkeergarage onbenut te blijven. Wel heeft de VVD-fractie vernomen dat er vraag zou zijn naar permanente benutting van de woonruimte aan de Hellingweg.

Onder verwijzing naar artikel 38 van het Reglement van Orde heeft de VVD-fractie de volgende vragen:

  1. De VVD-fractie heeft begrepen dat de eerder gestelde eis dat de appartementen in het logiesgebouw slechts voor korte termijn mogen worden verhuurd inmiddels is vervangen door de voorwaarde dat de eigenaar er 140 dagen per jaar niet mag zijn. Bent u het met de VVD eens dat dit een administratieve draak is (hoe kun je aantonen dat je ergens niet bent)? Zo nee, waarom niet?
  2. Is het college bereid om, als hiervoor een verzoek wordt ingediend door de ontwikkelaar, op deze locatie permanente bewoning toe te staan? Zo nee, waarom niet?

De (tijdelijke) bewoners van de appartementencomplexen klagen over gevoelens van onveiligheid aan de Hellingweg. Dat komt onder andere door het ontbreken van voldoende straatverlichting.

  1. Is het college bereid verbetering aan te brengen aan de straatverlichting op het betreffende deel van de Hellingweg om gevoelens van onveiligheid te verminderen? Zo nee, waarom niet?

Het gevoel van onveiligheid wordt verder vergroot door de staat en het gebruik van het pand aan Hellingweg 127. Dat pand is in gebruik door krakers (broedplaats De Vloek). Er is sprake van rotzooi, graffiti en opslag van aftandse caravans. Wij begrijpen dat dit een negatief effect heeft op de bereidheid van eventuele kopers om tot aanschaf van een appartement over te gaan.
Het pand aan de Hellingweg 127, dat eigendom is van de gemeente, is in het verleden gekraakt. Later is besloten het pand in bruikleen aan de krakers te geven. Het betreffend pand dient evenwel ontruimd te worden indien sprake is van nieuwbouwplannen. 

  1. Wat is de juridische waarde van de bruikleenovereenkomst en de daarin gestelde voorwaarden?
  2. Wordt er een vergoeding betaald voor het gebruik van het betreffende pand? Zo nee, waarom niet?
  3. Is het correct dat, terwijl de gebruikers zelf geen huur betalen, ze ruimtes verhuren voor opslag voor zeilboten? Zo ja, is het college het met de VVD eens dat dit onwenselijk is? Zo nee, waarom niet?
  4. Is het correct dat in het pand aan de Hellingweg 127 ook andere commerciële activiteiten plaatsvinden, zoals het uitbaten van een eetcafé? Is voor de betreffende activiteiten voldaan aan alle vereisten, zoals het hebben van een vergunning? Zo nee, waarom niet?

Wij begrijpen dat er een concept-bouwplan ligt om het betreffende pand en de zogenoemde Kom in gebruik te nemen als zeilcentrum, inclusief clubhuis en opslag voor zeilboten. Wat de VVD betreft zou dat een fraaie impuls geven aan het gebied en ook aan de poging om Den Haag het podium te laten zijn voor top-zeilevenementen, zoals een etappe van de Volvo Ocean Race.

  1. Is het college bekend met dit plan en is het college bereid hieraan mee te werken en de bruikleenovereenkomst te beëindigen, zodat ook dit stukje van de Scheveningse Haven verfraaid kan worden? Zo nee, waarom niet?

VVD-fractie,
Martin Wörsdörfer

~~~~~~~~~~

Antwoorden

Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag heeft bovenstaande vragen op 17 mei 2011 als volgt beantwoord:

  1. De voorwaarden zoals genoemd in de vraag, zijn onjuist. De oorspronkelijke voorwaarden in het erfpachtcontract omvatten een regeling waarbij de eigenaar maximaal 225 dagen per jaar voor eigen bewoning gebruik kan maken van het appartement; voor de overige 140 dagen was hij verplicht de woning ter verhuur aan te bieden aan een centrale verhuurorganisatie. De achtergrond voor deze regeling is tweeledig. In de eerste plaats hechtte de gemeente veel waarde aan het realiseren van vakantieappartementen aan de kust, gelet op de ondervertegenwoordiging van dit segment in het toeristische aanbod in Den Haag. Ten tweede is het complex gelegen in een gebied dat aangewezen is als bedrijfsterrein met de daarbij behorende milieu- en geluidscontouren. In een dergelijk gebied is volgens de regels permanente bewoning niet toegestaan.
    Op verzoek van de ontwikkelaars is vorig jaar de regeling dusdanig aangepast dat geen sprake meer is van verplichte verhuur gedurende 140 dagen per jaar. In plaats daarvan is de eigenaar verplicht achteraf aan de Vereniging van Eigenaren aan te geven in welke periode hij het appartement voor eigen bewoning heeft gebruikt. De erfpachtcontracten zijn hieraan aangepast. 
  2. Het college is niet bereid om permanente bewoning mogelijk te maken vanwege de beperkingen aan het gebruik door de aanwezige milieu- en geluidscontouren op/van het bedrijventerrein. Dit zou onder andere de visserij kunnen beperken.
  3. De openbare verlichting aan de Hellingweg is uitgevoerd conform een lichtberekening welke voldoet aan het door de Dienst Stadsbeheer opgestelde Programma van Eisen. Ter hoogte van de zuidzijde van het complex is een tweetal masten nog niet geplaatst. Reden is dat alle masten in dit deel nog moeten worden vervangen. Uit kostenoverwegingen is daarom besloten de plaatsing van de nieuwe masten gelijktijdig uit te voeren met de vervanging van de overige.
    Tevens is er in dit deel de afgelopen periode een aantal storingen geweest, waardoor lichtmasten zijn uitgevallen. Dit is na melding opgelost. De tijdsduur tussen melding en probleemoplossing is helaas een aantal malen langer geweest dan te doen gebruikelijk geweest, vanwege storingen in het oude OV-kabelnet. Al met al is een ondergrondse netverbetering gerealiseerd die storingen vanaf medio maart sterk heeft doen afnemen.
  4. Door middel van een brief heeft de gemeente ingestemd met het in bruikleen geven van het pand aan de toenmalige krakers. In deze brief zijn weinig voorwaarden gesteld, omdat het gebruikelijk is de inbruikleengeving later middels een bruikleenovereenkomst verder te formaliseren.
    Door de krakers is -hoewel wel aangeboden- de bruikleenovereenkomst nooit getekend. Alhoewel in Nederland veelal gebruik wordt gemaakt van modellen bij verhuringen en inbruikleengevingen is dit geen vereiste: de bruikleen kan ook per brief worden vastgelegd. De juridische waarde van de “bruikleenbrief” is getoetst en als een volwaardige inbruikleengeving beoordeeld.
    In de brief wordt het pand in bruikleen gegeven op voorwaarde dat het pand enkel wordt gebruikt als culturele broedplaats.
  5. Er wordt geen vergoeding gegeven, omdat een inbruikleengeving altijd om niet is.
  6. Het is bij het college niet bekend of er betaald wordt voor de opslag van boten. Over de wenselijkheid daarvan kunnen wij derhalve geen oordeel vormen.
  7. In het complex is de veganistische eetgelegenheid Water en Brood gevestigd ten behoeve van leden van Broedplaats de Vloek. Een dergelijke niet voor publiek toegankelijke eetgelegenheid is vergunningvrij. Overigens staat deze wel als eetgelegenheid vermeld op de site van de Nederlandse Vereniging voor Veganisme.
  8. Het college is bekend met dit plan. Wij juichen verdere ontwikkeling van dit deel van de haven ten behoeve van de watersport ook zeker toe. De gemeenteraad heeft echter eerder uitgesproken dat beëindiging van de inbruikleengeving pas mogelijk is, als er een nieuw en realistisch bouwplan voor deze locatie is ontwikkeld. De tijdelijke aard en de beperkte omvang van het voorstel zijn echter dusdanig dat het naar ons oordeel niet beschouwd kan worden als een nieuwbouwplan dat past binnen deze uitspraak van de gemeenteraad. Het staat de raad uiteraard vrij zijn mening op dit punt te herzien.

Het college van burgemeester en wethouders,
de secretaris,                             de burgemeester,

mw. A.W.H. Bertram                  J.J. van Aartsen

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *