Maar om grote en kleine conflicten met taal te kunnen oplossen, is wel een goede taalbeheersing nodig. Van beide kanten: anders wordt het een ongelijke strijd. Op sommige scholen speelt taal vanwege het opleidingsniveau een vanzelfsprekende, grote rol, maar op andere scholen minder. VVD-gemeenteraadsleden Thessa Oosterholt en Ageeth van den Heuvel hebben daarom een initiatief ingediend voor een Haagse schrijfwedstrijd over recht en vrede met leerlingen van zo veel mogelijk scholen in onze stad.
Het is de bedoeling om de wedstrijd te koppelen aan het Haganumfestival, dat dit jaar deels in het Vredespaleis plaats vond. De prijsuitreiking zou tijdens dat festival op die plek van internationaal recht en vrede moeten plaatsvinden.
Oosterholt en Van den Heuvel willen dat de wedstrijd ook echt educatieve waarde krijgt. Het is een lastig onderwerp en dus moeten scholen en kinderen zelf kiezen of ze mee willen doen. En kinderen moeten goed begeleid worden, zeker op scholen waar minder met taal wordt gewerkt. De gemeente kan die scholen en kinderen ook voorzien met een informatiepakket over de rol die Den Haag speelt als het gaat om (internationaal) recht en vrede.
Voor nadere informatie:
Thessa Oosterholt-Eekhout (raadslid), tel. 070 – 355 47 23 of 06 – 51 01 01 61
e-mail: oosterholt@planet.nl
~~~~~~~~~~
INITIATIEFVOORSTEL
SPQH, winnen met taal
1. Inleiding: Den Haag, Haga, recht en vrede als missie
SPQH: Senatus Populusque Haganus. Vrij vertaald: bestuur en bevolking van Den Haag, kortom: de hele stad. Aldus het medaillon boven het toneel van de Koninklijke Schouwburg. Vanouds een plek waar het gesproken, vrije en creatieve woord regeert. Zo’n andere historische vrijplaats is het Gymnasium Haganum. Waar jongeren in de klassieke traditie, met taal, cultuur en historie, op hun toekomst worden voorbereid. Een school waar inmiddels het woord ook letterlijk een “feest” is: het Haganum festival van DOENevenementen. Een festival dat sinds kort samenwerkt met een instituut dat ook bij uitstek werkt via het woord en debat. In het belang van vreedzame oplossingen voor vaak gewelddadige conflicten: het Internationale Hof van Justitie in het Vredespaleis. Deze combinatie past prima bij Den Haag als internationale stad van recht en vrede.
2. Het woord als vreedzaam wapen
Zonder gedeelde taal weet een samenleving niet waar zij vandaan komt, waar ze staat en waar zij heen gaat. Kunnen mensen geen argumenten uitwisselen, geen conflicten via debat oplossen? De ook in Den Haag gevestigde Hoge Raad heeft als lijfspreuk: Ubi judicia deficiunt incipit bellum. “Waar het recht ophoudt, begint de oorlog”. Geparafraseerd: waar het woord ophoudt begint de oorlog. Dat geldt voor internationale conflicten, maar ook voor interne spanningen in gemeenschappen. Zoals die helaas recentelijk ook in ons land opdoken. Tussen mensen die elkaar soms letterlijk niet verstaan of het woord zo bedreigend vinden dat zij dit met geweld beantwoorden. Het woord en debat is echter de enige manier om problemen te analyseren en – zo mogelijk – op te lossen. Dit unieke talent geeft mensen een voorsprong op de wetten van de natuur: woordenstrijd gaat niet om het recht van de sterkste, maar om de kracht van argumenten.
3. Eerlijke strijd begint met gelijke wapenen
Mensen moeten dan wel een “level playing field” hebben. Zonder goede taalvaardigheid is het vrijwel onmogelijk om een debat of polemiek op argumenten te winnen. Terwijl het niet om pikorde gaat, maar om gehoord worden en overtuigen. Zoals in de klassieke traditie: het verwoorden van de rede (overigens zonder dat passie daaraan opgeofferd hoeft te worden). Die vaardigheden kun je stimuleren door het woord tot een uitdaging te maken waar het zowel om meedoen als om winnen gaat. Maar dan met vreedzame middelen. Een prikkel die niet beperkt moet blijven tot die scholen, zoals het Haganum, waar dat vanzelfsprekend binnen het curriculum valt. Het kan lonen om de traditie van de polemiek ook in te voeren op scholen waar dit minder vanzelfsprekend is. En waar soms het recht van de sterkste eerder in (fysieke) macht wordt vertaald dan in kracht van argumenten.
4. Initiatief : taalstimulering door wedstrijd
Dit initiatief wil dat Den Haag via een gemeentelijke prijs zijn missie, recht en vrede, combineert met de belevingswereld van jongeren, het Haganum-festival en het unieke Vredespaleis. Het college zou moeten onderzoeken of onder 8e groepers en 3e klassers in deze stad - twee leeftijdscategorieën dus - jaarlijks een wedstrijd mogelijk is die draait om winnen met taal. Omdat debatteren op allerlei (soorten) scholen al veel gebeurt en makkelijker is dan de geschreven polemiek, kiest dit initiatief voor het laatste: een essaywedstrijd. Met als onderwerp recht en vrede, in de stad of daarbuiten. De verhalen mogen zowel poëtisch of fictief als realistisch zijn. De perfectie van het taalgebruik is daarbij slechts een van de twee criteria; de overtuigingskracht van het verhaal moet even zwaar wegen.
Het wedstrijdformat kan ontwikkeld worden door onderwijsexperts (bij voorkeur het HCO) tezamen met de Openbare Bibliotheek. Die laatste kan ook de jury aanleveren. Aan het format kan eventueel educatieve informatie over de rol van Den Haag in recht en vrede worden toegevoegd. Het gaat om zowel openbaar als bijzonder basis- en voortgezet onderwijs en – dus – uiteenlopende opleidingsniveau’s. Alle scholen worden benaderd, maar bepalen zelf of ze deel nemen. Kinderen mogen meedoen, maar hoeven niet: ze moeten het als een uitdaging ervaren. Het is, zeker voor kinderen met een wat lager opleidingsniveau, wel belangrijk dat scholen hun deelnemers actief bij het schrijven coachen. Dan heeft de wedstrijd pas echt educatieve waarde. Deze gemeenteprijs draagt de (werk)titel SPQH en zou moeten bestaan uit (twee maal) 250, - euro, en een prijsuitreiking tijdens het Haganum-festival in het Vredespaleis. Met alle toeters en bellen die er voor de winnaars een echt feestje van maken. Dat betekent ook (het stimuleren van) media-aandacht, zowel via o.a. de Haagsche Courant en RTVWest, als landelijk.
Het spreekt vanzelf dat dit alleen kan met medewerking van DOENevenementen en het Internationaal Gerechtshof resp. de Carnegie Stichting. Het dictum van dit initiatief is daar dus van afhankelijk gemaakt.
5. Financiën
Met het initiatief zijn nauwelijks financiën gemoeid. HCO en DOB zouden binnen hun formatie een format moeten willen ontwikkelen. De scholen die meedoen moeten het intern organiseren en coachen zelf op zich willen nemen. Het gaat vooral om het (door de gemeente) stimuleren van enthousiasme en niet zozeer om (extra) geld. DOENevenementen moet, indien in beginsel akkoord, wel een nader overeen te komen vergoeding krijgen voor haar inzet om de prijsuitreiking deze plek in het festival te geven. De publiciteit kan (mede) vanuit de gemeente worden georganiseerd; dat geeft het profiel van recht en vrede extra aandacht. Temeer, omdat dit thema vertaald wordt naar jongeren en niet het exclusieve werkterrein blijft van “oude, wijze mannen”. Voorzover er kosten aan dit initiatief verbonden zijn, wordt het college gevraagd die nog voor de begroting 2006 in kaart te brengen. Met een indicatie van de budgetten voor - bijvoorbeeld - (profilering) internationale stad van recht en vrede, cultuur, onderwijs en integratie waaruit dit gedekt kan worden. Kan het college dat niet, dan zal de raad bij de begrotingsbehandeling in oktober dekking vinden.
DICTUM:
De gemeenteraad van Den Haag,
Besluit:
Aldus besloten in de openbare vergadering van …………….. 2005,
De griffier de voorzitter